Deze pagina is vernieuwd op 25 oktober 2007


'S-HEERENBERG - MECHTELD TEN HAM


In 1605 had in het graafschap Berg nog een heksenproces plaats.
Een oude vrouw, Machteld ten Ham, diende een klacht in tegen een andere vrouw, die haar van toverij betichtte.

Getuigen werden gehoord en hun verklaringen vielen niet ten gunste van Machteld uit.

Een jongetje vertelde onder anderen dat hij, toen hij eens door het sleutelgat bij Machteld naar binnen had gekeken, daar een jonker met een grote pluim op zijn hoed bij haar aan tafel had zien zitten;
maar toen hij daarop naar binnen ging, had hij de vreemde jonker niet meer gezien.

Men besloot haar daarop de waterproef te laten ondergaan.
Met de handen en voeten kruiselings saamgebonden werd zij door de beul in de Laak in de buurtschap Groot-Azewijn gestoten.

heks
Zij dreef en haar lot was beslist. De scherprechter onderzocht haar net zo lang tot zij bekende en toen zij daarop haar bekentenis herroepen wilde, werden de pijnigingen hervat.

Ten laatste bekende zij boelschap met de duivel te hebben bedreven en mensen en beesten te hebben betoverd en noemde medeplichtigen.

Zij werd op de 25e juli van dat jaar tot de brandstapel veroordeeld. De graaf van de Berg gebood echter geen verdere vervolgingen meer in te stellen, zo dat de door Machteld genoemde vrouwen ongemoeid werden gelaten.

Bron: Gelders Sagenboek p.100, Dit is een van de sagen van de sagensite van Marianne

Gelderse sagen