Welkom in het

ACHTERHOEKS VERHAAL - ARCHIEF

Hier vindt u allerlei artikelen die iets met de Achterhoek van vroeger of heden ten dage van doen hebben, dit is informatief bedoeld




Na drie jaar zelf onderwerpen aangedragen te hebben. Zou ik het leuk vinden als u, een onderwerp aan wil dragen die u interessant vindt, u kunt zelf informatie sturen, maar ook een onderwerp melden is voldoende, zodat ik het voor u en de andere lezers uit kan werken. U kunt het kwijt bij het contactformulier, zie het menu


MONNIKEN IN DE ACHTERHOEK EN IN HET BIJZONDER WILLIBRODSABDIJ IN DOETINCHEM




Ik ben afgelopen zondag in De Willibrordsabdij geweest in Doetinchem, ik was zo enthousiast over wat ik daar aantrof, dat ik meneer Vesseur, Monnik van deze abdij, gevraagd heb om wat informatie over zijn abdij en Monniken door de eeuwen heen te vertellen. Omdat hij zo'n enthousiast en duidelijk verhaal verteld heeft, neem ik het in zijn geheel over, ik zou anders afbreuk doen aan zijn goede verhaal en werk dat zij doen.


Mijn naam is Henry Vesseur. Ik ben Benedictijnermonnik van de Sint Willibrordsabdij te Doetinchem. Geboren te Leimuiden (ZH) op 28 juni 1959 ben ik op 6 januari 1979 ingetreden in het klooster. Ik heb op 8 september 1983 mijn eeuwige geloften als monnik afgelegd en ben op 29 juni 1993 tot priester gewijd.


foto www.willibrords-abbey.nl Een monnik is iemand die van harte God zoekt en daar heel zijn leven aan wil wijden. De abdij is een soort samenleving in het klein, een samenleving binnen de samenleving, waar alles op God is gericht. Hier kan God, zogezegd, helemaal God zijn, omdat we Hem alle ruimte geven in ons leven. We willen God de hoogste prioriteit geven en al het andere is daaraan ondergeschikt.

Daarom zijn de zes dagelijkse gebedsdiensten voor ons de hoogtepunten van de dag.

We staan om 5.45 uur op en houden om 6.15 onze eerste dienst. Nog vóór het licht wordt en de dag begint, zingen wij de lof van God door psalmen en Bijbellezingen.

Om 7.30 uur zingen wij het ochtendgebed, bij het opgaan van de zon.
Op die manier willen wij God danken voor de nieuwe dag en zijn zegen vragen over alle mensen.

Om 9.30 uur vieren wij de Eucharistie: de dagelijkse gedachtenis aan het lijden, sterven en opstaan uit de dood van Jezus Christus.
Die Mis is het centrum van onze dag, omdat wij ons heel bijzonder met Jezus verbonden weten door het doopsel en door onze geloften. Een monnik wil Jezus navolgen door net als Hij helemaal voor God alleen te leven.

Om 12.15 hebben wij het middaggebed. Op het midden van de dag, als de zon op haar hoogste punt staat, nemen we rust en danken God voor het leven en voor het licht en voor het werk en ons dagelijks brood.

Dan is om 17.00 uur het avondgebed om te danken voor de afgelopen dag en om te vieren hoe God, ook als de dag ten einde loopt, toch bij de mensen aanwezig blijft en voor ons zorgt.

foto www.willibrords-abbey.nl En ten slotte zingen we voor het slapengaan de Completen oftewel Dagsluiting. Dan vertrouwen we onszelf en de hele wereld toe aan Gods zorgzame liefde en bescherming tijdens de nacht.
Ook als wij slapen waakt God over ons. Deze diensten vormen het eigenlijke werk van de monniken.

Daarnaast werken we ook voor ons levensonderhoud. Door een terugloop van het aantal monniken in de afgelopen jaren hebben wij onze werkzaamheden moeten herzien.
foto www.willibrords-abbey.nl Op dit moment zijn de baten uit het gastenhuis Stiltecentrum Betlehem (2200 overnachtingen per jaar) voor ons een belangrijke bron van inkomsten. In het Stiltecentrum kunnen groepen logeren die willen mediteren of zich bezighouden met geloofsverdieping en spiritualiteit.

Het ontvangen van gasten hoort vanouds bij de kerntaken van onze abdijen. In deze tijd, waarin veel mensen op zoek zijn naar zin in hun leven zien we een groeiend aantal belangstellenden voor een verblijf in de abdij. Tot 2010 is ons Stiltecentrum al volgeboekt!

foto www.willibrods-abbey.nlVerder is er rond de abdij een kring van mensen die wij Oblaten noemen. Dat zijn mannen en vrouwen die op hun eigen plaats in de samenleving, gehuwd of ongehuwd, proberen de Benedictijnse spiritualiteit in hun leven vorm te geven. Zij putten kracht en steun uit de spirituele verbondenheid met de monniken.

Verder komen er nogal eens mensen aan de deur voor een biechtgesprek of voor geestelijke begeleiding. Per jaar tellen wij ruim 10.000 bezoekers: gasten en kerkgangers. En veel mensen komen bij ons om gebed vragen. Of steken zelf een kaarsje op in onze kerk.


De abdij is in 1945 op Slangenburg gesticht vanuit de Sint Paulusabdij van Oosterhout (N.Br.). Die abdij was na de Tweede Wereldoorlog overvol en men zocht een nieuw onderkomen.
Omdat er al een abdij in Noord Holland (Egmond) was, zocht men nu een plek in het Oosten. Het werd Doetinchem.

foto www.marline.nl De monniken begonnen op Kasteel Slangenburg en hebben tussen 1948 en 1952 de abdij eigenhandig gebouwd. Op deze plaats, aan de Bielheimerbeek, heeft in de Middeleeuwen een klooster gelegen: Betlehem (Bielheim is daar de verbastering van). Er zijn in de buurt van Gaanderen nog enkele restanten te vinden. Deze plaats is dus in zekere zin ‘heilige grond’.

Het monnikenleven is met de Reformatie in 1572 uit ons land verdwenen. Pas in 1907 zijn er weer Benedictijnen in Nederland gekomen.
Er is voor het eerst sprake van christelijke monniken in de 3e eeuw na Christus. Toen het christendom staatsgodsdienst werd en het lucratief was om christen te zijn, verdween ook de oorspronkelijke vurigheid uit de tijd dat de christenen nog vervolgd werden.

Vele mannen en vrouwen wilden niet met die lauwheid meedoen, maar het evangelie in haar oorspronkelijke radicaliteit beleven. Zij trokken zich terug in de woestijnen van Egypte en Palestina en Syrië. Daar leefden ze eerst alleen, als kluizenaars. Maar al gauw ontstonden gemeenschappen die in kleine huisjes rond een centrale kerk woonden.
Deze vorm van kloosterleven is door pelgrims ook naar het Westen gebracht.

De heilige Benedictus (480-547) is afkomstig uit de buurt van Rome en heeft het westerse kloosterleven een beslissende vorm gegeven door zijn Regel voor Monniken.
Volgens die Regel leven de Benedictijnen en Cisterciënzers en Trappisten monniken tot op de dag van vandaag.


“Monnik” betekent letterlijk (in het Grieks) “alleen zijn” of “een zijn”. Een monnik is iemand die Jezus wil navolgen door niet te huwen, maar te leven in gebondenheid aan God door de geloften van gehoorzaamheid, stabiliteit en armoede en zuiverheid.
In wezen is daar niets aan veranderd ten opzichte van het begin. Alleen vraagt iedere nieuwe tijd ook nieuwe aanpassingen. Monniken leven midden in de maatschappij en ondergaan daarvan ook de invloeden: zegeningen en bekoringen.
Zo hebben alle uitvindingen op gebied van techniek en media ook hun intrede gedaan in het klooster. Maar daarmee kunnen soms ook de eenzaamheid en de stilte die voor ons leven vitaal zijn, in het gedrang komen. Het is niet eenvoudig om in deze tijd nog echt stille plekken te vinden in Nederland. En we hebben ook behoefte aan een zekere privacy.
foto www.marline.nl We zijn dan ook heel gelukkig dat wij op het prachtige landgoed Slangenburg onze abdij hebben mogen bouwen. God laat zich bij voorkeur vinden in de stilte.

Voor de inkeer bij gebed en studie is stilte van groot belang. Monniken hebben altijd geprobeerd alles wat hen kan afleiden van hun toewijding aan God te vermijden. In onze hectische samenleving en met de media die zo makkelijk bij ons (ook in het klooster) binnenkomen, moeten wij nu soms ook wel heldhaftige keuzes maken om onszelf te beschermen.


Abdijen hebben altijd voor zichzelf moeten zorgen. De Katholieke Kerk heeft ons nooit financieel gesteund. Dat kan zij ook niet. In onze Regel staat dat we van het werk van onze eigen handen moeten leven. De Paus is onze hoogste overste. Juridisch vallen wij onder zijn gezag. Dus bij belangrijke zaken als een abtskeuze of een uittreding dan moet dat voorgelegd worden aan de Paus. In feite heeft hij dit soort zaken natuurlijk gedelegeerd aan een ander, omdat hij zich niet met alles kan bezighouden.


In onze taal zijn inderdaad nog uitdrukkingen die uit het kloosterleven stammen. Zo bijvoorbeeld: “Uit het kapittel klappen”; of “iemand kapittelen”. Maar men spreekt ook nog altijd van “monnikenwerk” als het gaat om heel precies en tijdrovend werk. Die uitdrukking komt uit de tijd vòòr de boekdrukkunst, toen het vooral de monniken waren die konden lezen en schrijven en hun talent ten dienste stelden door boeken over te schrijven ten bate van de eredienst en de educatie. Dat werk vroeg veel geduld en toewijding, vandaar dat het ambachtelijke werk nog steeds geassocieerd wordt met monniken.


foto www.marline.nl In het portaal van onze kerk hebben wij een Mariabeeld staan. Het is een zgn. Zetel van Wijsheid: je ziet Maria zitten op een troon en het Kind Jezus zit op haar schoot en draagt in zijn ene hand de wereldbol met de ander zegent Hij de wereld.
Maria is als moeder van Jezus door God aan alle mensen gegeven. Door haar dienstbaarheid is God in onze wereld gekomen. Daarom eren wij haar ook heel bijzonder.
Wij geloven dat zij nog altijd een bijzonder relatie heeft met Jezus en daarom ook onze voorbeden en gebeden bij Hem aanbeveelt. Veel mensen putten kracht uit dit geloof. Maria staat heel dicht bij ons, want ze was een mens als wij. Maar zij mocht tegelijk ook de Zoon van God in haar lichaam dragen en ter wereld brengen. Door de genade van God gebeurt dat op een niet - lichamelijke wijze ook telkens als wij ons openstellen voor God. Dan neemt Hij als het ware bezit van ons hart en kunnen wij Hem door onze woorden en daden ook ‘ter wereld’ brengen.


Het aansteken van een kaarsje bij Maria, of een ander beeld, is eigenlijk een soort plaatsvervanging.
Het vlammetje is symbool van onze verlangens en gevoelens en wensen en gebeden. En terwijl wij weer verder gaan in het leven, met al onze verplichtingen en taken, brandt het kaarsje gewoon door als een soort geheugensteuntje voor God. Het brandende kaarsje doet wat wij niet kunnen: het blijft gewoon voor God en zijn heiligen staan en houdt ons gebed levend en warm.


Wij als monniken hebben geen actieve pastorale taken buiten de abdij. Af en toe assisteren we wel eens in een parochiekerk of worden we gevraagd om ergens een lezing te geven, maar dat is niet gewoon. Onze taak is het primair gewoon hier biddend aanwezig te zijn. En door het ontvangen van gasten en als gesprekspartner voor mensen in nood kunnen wij op bescheiden wijze toch het geloof doorgeven. Dat doe ik eigenlijk ook door dit interview.


Het verschil tussen monnik en pater is gelegen in het feit dat een pater altijd een priester is, maar een monnik niet altijd. Monniken noemen elkaar broeder, maar de priestermonniken krijgen de titel pater vanwege hun priesterwijding. Ze zijn dan en soort geestelijke ‘vader’ (dat betekent het woord pater in het Latijn).

Een priester is een man die door de kerkelijke leiding (een bisschop) middels een heilige wijding is aangesteld om leiding te geven aan een plaatselijke geloofsgemeenschap. Hij vertegenwoordigt Jezus Christus in de concrete parochie. Het hoort tot zijn taak om voor te gaan in de Eucharistieviering en het evangelie te verkondigen. Verder bedient hij de sacramenten van doopsel, biecht, huwelijk en ziekenzalving. Hij draagt zorg voor de geestelijke verzorging van de gelovigen die aan zijn verantwoordelijkheid zijn toevertrouwd.

Een priestermonnik heeft geen zorg voor een parochie of gemeente, maar hij leeft in het klooster en oefent zijn dienstambt daar op de eerste plaats uit ten bate van de eigen monnikengemeenschap. Daarnaast is hij voor gelovigen van buiten de abdij beschikbaar die geestelijke begeleiding zoeken of het sacrament van de biecht (van boete en verzoening) willen ontvangen.


Wie monnik wil worden moet eerst een jaar regelmatig te gast zijn in de abdij. Door middel van een stage bekijken we dan of de voorwaarden in orde zijn. Je moet namelijk vrij zijn en ongebonden en gezond naar lichaam en geest.

Na de intrede is er een proeftijd van drie jaar alvorens de eerste geloften worden afgelegd. Die zijn tijdelijk, geldig voor drie jaar.
Daarna volgt de eeuwige gelofte, voor het leven dus. Een theologiestudie is op voorhand niet nodig. Pas na de intrede volgt een eigen opleiding, waartoe ook een theologiestudie behoort.

De laatste tijd is het aantal toetredingen fors terug gelopen in onze streken. Dat heeft vooral te maken met de veranderde cultuur. Wij merken dat jonge mensen het moeilijk vinden om zich aan één ding te hechten. Dat zie je trouwens ook in het beroepsleven en in het relationele leven. Een levenslange trouw lijkt niet meer haalbaar en ook niet wenselijk. Maar monnik kun je alleen maar helemaal en altijd zijn. En je moet er iets voor opofferen.

In een tijd van 1001 mogelijkheden valt het blijkbaar niet mee om afstand te doen van bepaalde genoegens.
We zien echter wel dat degenen die nu intreden vaak de leeftijd van de midlife hebben. Dan gaan mensen nadenken over het leven en over hun ambities. En dan komt er vaak een bezinning op gang die kan leiden tot een nieuwe levenskeuze: gaan voor het wezenlijke en afstand doen van overbodige luxe en onnodig bezit.

Onze gemeenschap telt nu zeven monniken. De jongste is 43 jaar. De oudste is 88 (en al 70 jaar monnik!).
Onze abdijgemeenschap is niet groot, maar dat is de situatie in heel het Westen. In onze abdijen in Azië en Afrika en Zuid-Amerika zijn heel veel kandidaten. Ik denk wel eens dat het voor ons een kwestie is van ‘overwinteren’ totdat de wal van het eindige het schip van de oneindige mogelijkheden keert. Want het kan niet zo zijn dat we op deze voet kunnen blijven leven. We zien de gevolgen in het milieu, maar ook in het opraken van energiebronnen. Als de vliegtuigen niet meer kunnen vliegen dan komen de mensen vanzelf weer naar het Klooster!


foto www.marline.nlDe abdij ligt op het het landgoed Slangenburg en wordt daarom ook wel abdij Slangenburg genoemd. Het Kasteel is eigendom van de Staat en wordt gehuurd door een stichting die het kasteel beheert als een soort stiltehotel voor mensen die rust zoeken in de buurt van de abdij. De eerste monniken zijn daar begonnen, maar hebben het na de bouw van de abdij verlaten. Het was jarenlang gastenhuis van onze abdij. Maar sinds wij in 1996 onze boerderij hebben omgebouwd tot Stiltecentrum is het Kasteel niet meer met de abdij verbonden.

De abdij is niet te bezichtigen. Bij uitzondering geven we wel eens een rondleiding. Eens in de twee / drie jaar is er een open dag.


Informatie vindt u op onze website www.willibrords-abbey.nl.
Telefonisch is de abdij bereikbaar 0315 - 298268 of
mailen.