VERHAAL - ARCHIEF Hier vindt u informatie over tradities ed uit de AchterhoekWelkom in het
WINDTURBINE ALS CORSAGE
Windenergie is haar kinderziektes voorbij. Maar toch wordt er in Nederland geen vaart achter de bouw van ‘windmolens’ gezet. Terwijl een molen het zinnebeeld van het Nederlandse landschap is en als een corsage beschouwd mag worden, ‘past’ ze plotseling niet meer. En dat, terwijl er in Nederland veel ergere dingen zijn die niet passen en toch gebeuren. De hoogoplopende emoties zijn niet te verklaren. De emotie gaat over de wezensvreemdheid van de geavanceerde ‘windmolen’ en het typisch Hollands begrip van de horizonvervuiling. Tijdens de diverse internationale milieuconferenties, wilde Nederland persé het beste jongetje van de klas zijn. In werkelijkheid zitten we ergens achteraan.
Ruwe aardolie wordt steeds schaarser en gelijk evenredig duurder. Kunnen windturbines er iets aan doen? Waar liggen de ecologische- en economische grenzen? Wat doen we met de tijdens nachturen geproduceerde elektriciteit? Stijgende prijzen bij het tankstation sporen aan tot peinzen. Vanaf windkracht 2
Vanuit een milieuvriendelijke optiek is een 80 meter hoge mast met draaiende wieken een lust voor het oog. Maar voor de eigenaar hangt er wel een kostenplaatje aan, want zo’n gigantische ‘molen’ moet natuurlijk een degelijk fundament hebben. De mast moet lang genoeg zijn, want op 80 meter hoogte staat er altijd een briesje, ook als het op de grond windstil is. Naarmate het harder waait, neemt het vermogen van een windturbine toe. De wieken beginnen reeds aan hun rondjes bij een windsnelheid van 3 km/h maar zijn dan niet productief. Bij windkracht 2, de windsnelheid ligt dan rond 9 km/h, ontstaat er enig vermogen. Het maximale vermogen wordt bereikt bij een windsnelheid van 43 km/h (windkracht 6). Als het harder waait, wordt de kop van de turbine iets ‘uit’ de wind gedraaid. Maar vanaf windkracht 9 wordt de kop 90 graden gedraaid en worden de wieken automatisch tot stilstand gebracht. We merken het al, in iedere windturbine zit een zeer geavanceerde computer. Naarmate het harder waait, neemt het vermogen toe, maar dat wisten wij al. Twee maal zoveel wind, geeft een acht maal hoger vermogen. Vermogen en productie zijn echter niet alleen afhankelijk van ashoogte en wind. Een niet te onderschatten factor is de oppervlakte van de wieken. Bij een twee maal zo grote oppervlakte of diameter, wordt het vermogen vier maal zo groot. Tegenwoordig zijn er turbines, die op slot gaan bij een windsnelheid van meer dan 110 km/h. De ’availibility’, dus de beschikbaarheid van windturbines is met 98 % zeer hoog. Ik merkte ook op de Butterweide bij Bocholtz, dat stilstand door storingen zeer zelden van toepassing is. Prijskaartje
Wij merken het al: Hoe hoger hoe duurder. Maar meer hoogte is meer dan gelijk evenredig aan het vermogen. Met andere woorden: Als een windturbine door iets meer hoogte 20% duurder wordt, neemt het vermogen toe met 25%. Afgezien van de ‘molen’ zelf moet er ook rekening gehouden worden met de infrastructuur. Maar vergeleken met de grondoppervlakte van een kern- of kolengestookte centrale, nemen windturbines niet veel plaats in. Ze kunnen in een weiland geplaatst worden en geen koe, die er last van heeft. Wind bij nacht
Natuurlijk zijn er ook aan windturbines nadelen verbonden. Het kan gebeuren, dat overdag, als de energiebehoefte groot is, het windstil is. Andersom kan het ’s nachts flink waaien, terwijl de energiebehoefte gering is. De door turbines opgewekte nachtstroom hoeft niet verloren te gaan. Noorwegen is het land, waar nu al duurzame auto’s, met de toepasselijke naam ‘Think’ in serie gebouwd worden. Het is de meest doelmatige auto voor stads- en woon-werkverkeer. ’s Nachts wordt de autoaccu aangesloten aan het elektriciteitsnet, zodat er met een volle accu 185 km gereden kan worden. Omdat de meeste werkgevers ‘stopcontacten’ voor hun mensen ter beschikking stellen, zitten er na kantoortijd opnieuw 185 km onder de motorkap.Gemotoriseerd verkeer hoeft dus niet vervuilend te zijn. Van CO2 naar duurzaam
Knappe koppen hebben uitgerekend dat er in Nederland 670 moderne windturbines nodig zouden zijn, om 10% van de stroombehoefte te dekken. Voor een dergelijk windpark is een oppervlakte nodig van 16 vierkante kilometer. Hier is echter geen sprake van verloren grond, want tussen de masten kan landbouw bedreven worden. Aannemelijker is, dat vanaf 2010, 10% van de huidige stroombehoefte gedekt wordt met 400 turbines in zee. Op die wijze, is het in Nederland mogelijk, om de helft van de stroombehoefte door middel van wind op te wekken. In Denemarken bestaan zelfs plannen om 70% van de energie uit duurzame bronnen te halen. In dat land draaien enige windparken op zee. Het eerste park met 80 turbines van ieder 2.000 kW vermogen, werd in december 2002 aan de Noordzeekust bij Esjberg in gebruik genomen. Dit ene park staat garant voor een productie van 700 miljoen kWh per jaar; dat is ruim 2 % van de Deense industriële en private stroombehoefte. Fossiele sprookjes
Zo af en toe vermelden producenten van energie uit fossiele brandstoffen in hun artikelen, dat (gratis !) wind, duurder is dan aardgas uit Rusland, olie uit Koeweit of steenkool uit Amerika. Duurzaam en schoon
Als wij het over schone stroom hebben, bedoelen we natuurlijk, dat windturbines per geproduceerde kWh, 574 gram milieuvervuilende CO2 besparen. Volgens berekeningen van het Centraal Bureau Statistiek, werden in 2006 door windturbines 2.734.000.000 kWh geproduceerd en werd daarbij de uitstoot van 1.571 miljard kg (=Mton) CO2 bespaard. Omdat er sporadisch windturbines bijkomen, mogen we stellen, dat thans (2008) op jaarbasis, de uitsloot van 2.650 miljard kg CO2 bespaard wordt. Conclusie
In Nederland wordt er geen vaart achter de bouw van ‘windmolens’ gezet. Waarom Nederland aarzelt, konden we inmiddels lezen. De Nederlandse doelstelling voor 2010 is, om 10 % van de energiebehoefte te dekken met windenergie. In 2005 zaten we op 2,5 %, einde 2007 op ongeveer 3,7 %. Het doel wordt in dit tempo bij lange na niet gehaald. In 2004 was er een milieuconferentie in Praag, in 2005 in Montreal, in 2006 in Nairobi en in 2007 op Bali. Nederland sprak achteraf over mislukte kansen…
Historische Heemkunde Hans Hermans Heerlen 12 maart 2008
Mocht u nu zelf een leuk verhaal of anekdote weten, stuur dan even een berichtje per mail of per post, dan plaatsen we dat hier op deze site.
We zouden de nachtstroom van windturbines kunnen gebruiken om waterstof te produceren. We zouden de nachtstroom ook kunnen gebruiken, om de accumotor van een auto op te laden.
Maar voordat wij ons in het onderwerp verdiepen, moet ik eerst een paar misverstanden uit de weg te ruimen.
Een windturbine kan geen vermogen produceren, ze kan wel een bepaald vermogen hebben, dat we kW (kilowatt) noemen. Een windturbine kan wel energie i.c. elektriciteit produceren. In dat geval spreken of schrijven wij kWh (kilowattuur). Een kWh is gedefinieerd als de arbeid, die wordt verricht of de energie, die wordt gebruikt als een vermogensbron een kilowatt (1000 watt) gedurende 1 uur moet leveren. Bij een windsnelheid van 30 km/h, kan een windturbine met een vermogen van 3.000 kW en één uur constant draait, 3.000 kWh elektriciteit produceren. Dat is de elektriciteitsbehoefte van een doorsnee Nederlands gezin in één jaar. Een stad met 100.000 gezinnen, verbruikt ongeveer 300.000.000 kWh per jaar.
Nederland heeft de keus. In plaats van gratis wind, kan de Staat die elektriciteitsbehoefte ook met steenkool opwekken. Maar dan moeten schepen, treinen en vrachtwagens eerst 37.000 ton steenkool aanvoeren. Over die hieraan verbonden kosten en luchtvervuiling schrijven we maar beter niet. Het transport van gelijkstroom via een kabel is efficiënt. Over een afstand van 300 km gaat slechts 1 % verloren.

We begrijpen dat de ashoogte een belangrijk aspect is in verband met het vermogen. Hoe verder een locatie uit de kust ligt, hoe meer vermogen er te behalen valt met hogere masten.
Beschikken wij over een groot terrein, waar we een windturbine zouden willen plaatsen, hetgeen in Nederland vrijwel onmogelijk is, dan kost een turbine met een vermogen van 2.500 kW ongeveer € 1.880.000. Dat geldt dan voor een mast van 80 meter, want als wij een mast wensen van 100 meter, kost die gigant € 2.050.000. Over de amortisatie, dus de afschrijving van het project, lopen de meningen uiteen. In de kustgebieden produceert een turbine binnen een jaar de energie, die nodig was voor aanschaf en constructie. In het binnenland kan het wel twee jaar duren.Maar als we bedenken, dat de ‘energiedrager’, dus de wind gratis is en dat de moderne turbines 25 jaar meegaan, mogen we afgezien van duurzame effecten ook spreken van een lucratieve opzet. In Nederland draaien er momenteel meer dan 50 windturbines, ouder dan 20 jaar. Naargelang de standplaats, wordt in die periode 40 tot 80 maal zoveel energie geproduceerd als nodig was om de turbine te bouwen, te installeren en te onderhouden.
Maar ook in Nederland, waar wij nog lang niet zo ver zijn, bestaat er thans een goede methode om met behulp van ‘nachtwind‘, hydrogenium (vloeibare waterstof) te produceren. We mogen ons niet verbazen, als binnen niet al te lange tijd hydrogenium, als milieuvriendelijke brandstof , benzine en dieselolie gaat vervangen. Inmiddels heeft de bekende Duitse autobouwer BMW, de brandstofmotor ‘Hydrogen 7’ ontwikkeld, die zowel op waterstof alsook op benzine loopt. Omdat vloeibare waterstof drie keer zoveel energie draagt als dezelfde hoeveelheid benzine, is het spul natuurlijk ook interessant voor de luchtvaart. Anders dan bij benzine, ontstaan er tijdens de verbranding geen schadelijke gassen. Het afvalproduct van hydrogenium noemen we water… Daarmee kunnen we leven !

Op een gemiddelde Nederlandse windlocatie bedraagt de kostprijs, 3,8 cent per kWh. Dat is ongeveer de helft goedkoper dan aardgas, die momenteel 6,6 cent per kWh kost. Het ligt voor de hand dat fossiele brandstoffen duurder zullen worden, maar wind blijft gratis. Momenteel hebben we een zeer gunstige dollarkoers, maar als de dollar valueert, in casu de euro devalueert, worden fossiele brandstoffen peperduur. Men heeft uitgerekend dat een liter benzine dan twee euro gaat kosten… Rekenen we daarbij de periodieke verhogingen, dan kost een volle tank bij een modale auto ongeveer 135 euro.
Bij een prijsvergelijk tussen duurzame en fossiele brandstof wordt gemakshalve vergeten, dat Windenergie ook macro-economische voordelen heeft. Wind is immers altijd beschikbaar, terwijl wij voor fossiele energie, afhankelijk zijn van import uit politiek onbetrouwbare landen. Als de windturbine eenmaal staat, weten wij voor de komende 25 jaar precies de kostprijs van een 1 kWh. Bij fossiele brandstoffen en bij kernenergie kan de kostprijs van 1 kWh de volgende week alweer 10% hoger zijn. Eigenaars en aandeelhouders van energiecentrales zijn niet blij met ‘windmolens’. In landen waar veel energie door middel van windkracht opgewekt wordt, kelderen de beursaandelen. Gratis wind komt mettertijd in de plaats van dure brandstoffen. Aandeelhouders mogen natuurlijk niet toegeven, dat windstroom niet alleen de schoonste, maar ook de goedkoopste stroombron is, die we kenen.